Terug naar Amerikaanse aandelen Educatie

Waarderingsmaatstaven voorbij de K/W: EV/EBITDA, PEG en price-to-sales

Analyse door KoersRadar · Gepubliceerd · ~9 min lezen

Nu de S&P 500 en de Nasdaq begin juli 2026 op recordniveaus staan, gedreven door aanhoudend optimisme over AI-investeringen, duikt er één vraag steeds vaker op: zijn deze aandelen nog wel redelijk gewaardeerd? Wie dat wil beoordelen, komt al snel bij de koers-winstverhouding (K/W, ook wel P/E genoemd) terecht — maar die maatstaf heeft flinke beperkingen. Dit artikel legt uit welke waarderingsmaatstaven professionele beleggers ernaast gebruiken: EV/EBITDA, de PEG-ratio en price-to-sales, met actuele cijfers van onder meer NVIDIA, Palantir, Amazon en Microsoft.

In het kort

Wat is de K/W-ratio, en waar loopt die vast?

De koers-winstverhouding (K/W, in het Engels price-to-earnings of P/E) is de bekendste waarderingsmaatstaf: de aandelenkoers gedeeld door de winst per aandeel. Een K/W van 20 betekent dat u twintig keer de jaarwinst betaalt voor het aandeel. Hoe hoger de K/W, hoe meer groei (of optimisme) er al in de koers is verwerkt.

De K/W kent drie bekende beperkingen. Ten eerste werkt hij niet bij bedrijven zonder winst: deel door nul of door een negatief getal, en de uitkomst is zinloos. Ten tweede houdt de K/W geen rekening met de kapitaalstructuur van een bedrijf — twee bedrijven met dezelfde winst maar een heel andere schuldenlast krijgen dezelfde K/W, terwijl de één financieel veel kwetsbaarder is dan de ander. Ten derde kan de winst per aandeel vertekend worden door eenmalige posten, belastingvoordelen of aandeleninkoop, waardoor de K/W van het ene op het andere kwartaal flink kan springen zonder dat er onderliggend iets is veranderd. Vandaar dat professionele beleggers er doorgaans nog minstens twee andere maatstaven naast leggen.

Wat is EV/EBITDA, en waarom kijken professionals daarnaar?

De EV/EBITDA-ratio pakt precies de twee grootste zwaktes van de K/W aan. EV staat voor enterprise value (ondernemingswaarde): de beurswaarde van een bedrijf plus zijn schulden, minus de kaspositie. Dat is het bedrag dat een overnemende partij feitelijk zou moeten neertellen om het hele bedrijf — inclusief schulden — in handen te krijgen. EBITDA staat voor de winst vóór rente, belastingen en afschrijvingen (earnings before interest, taxes, depreciation and amortization) — een maatstaf voor de operationele winstgevendheid, los van hoe een bedrijf is gefinancierd of hoe het fiscaal is ingericht.

Door de ondernemingswaarde te delen door EBITDA, vergelijkt u bedrijven eerlijker, ongeacht hun schuldenlast. Een bedrijf met een lage K/W maar een berg schulden kan bij nader inzien duurder zijn dan het op het eerste gezicht lijkt, omdat de EV die schulden meetelt terwijl de koers dat niet doet. Een illustratief (fictief) voorbeeld: bedrijf A heeft een beurswaarde van €10 miljard, geen schulden en €10 miljard cash — de EV is dan feitelijk €0, ondanks een positieve beurswaarde. Bedrijf B heeft dezelfde beurswaarde van €10 miljard, maar €5 miljard schuld en geen cash — de EV is dan €15 miljard. Bij gelijke EBITDA is bedrijf B dus duurder gewaardeerd dan de kale beurswaarde doet vermoeden. KoersRadar's aandeeldata tonen momenteel P/E, price-to-sales en price-to-book (koers ten opzichte van boekwaarde); voor een volledige EV/EBITDA-berekening — die ook de schuld- en kaspositie uit de jaarrekening vereist — is een blik in de laatste kwartaalcijfers van een bedrijf nodig.

Wat is de PEG-ratio, en wat vertelt die over groeiaandelen?

De PEG-ratio (price/earnings-to-growth) zet de K/W af tegen de winstgroei: K/W gedeeld door het verwachte groeipercentage van de winst. Een PEG onder 1 wordt vaak gelezen als een signaal dat een aandeel goedkoop is ten opzichte van zijn groeitempo; een PEG ruim boven 1 wijst erop dat er al veel groei is ingeprijsd. Professionele analisten gebruiken meestal de verwachte winstgroei over de komende drie tot vijf jaar; hieronder gebruiken we, bij gebrek aan die langetermijnschattingen, de gerealiseerde winstgroei van het afgelopen jaar als vereenvoudigde illustratie — een aanpak die iets zegt over de huidige waardering, maar niet garandeert dat het groeitempo van het afgelopen jaar zich herhaalt.

AandeelK/WWPA-groei jr.PEG (indicatief)
NVIDIA (NVDA)30,6110,3%≈ 0,28
Palantir (PLTR)135,5287,8%≈ 0,47
Microsoft (MSFT)22,529,8%≈ 0,76
Amazon (AMZN)28,936,5%≈ 0,79
Coca-Cola (KO)25,727,2%≈ 0,95
Procter & Gamble (PG)20,68,6%≈ 2,40
Johnson & Johnson (JNJ)29,7-3,9%n.v.t.

Twee dingen vallen op. Ten eerste ogen NVIDIA en Palantir, ondanks hun torenhoge K/W'en van respectievelijk 30,6 en 135,5, op basis van hun trailing winstgroei relatief laag gewaardeerd volgens de PEG-vuistregel — hun winst groeide het afgelopen jaar zo hard dat de hoge koers er "tegen wordt weggedeeld". De kanttekening: een groeitempo van 110% of zelfs 288% per jaar is per definitie niet vol te houden, dus de PEG wordt minder betrouwbaar naarmate het groeicijfer extremer is. Ten tweede laat Johnson & Johnson zien waar de PEG-ratio volledig vastloopt: met een gekrompen winst per aandeel (-3,9%) is de uitkomst van de deling negatief en dus betekenisloos — een krimpend bedrijf kan nooit een "goedkope" PEG hebben, ongeacht de K/W.

Wat is price-to-sales, en wanneer is die nuttiger dan de K/W?

De price-to-sales-ratio (P/S) deelt de beurswaarde door de omzet, in plaats van door de winst. Het grote voordeel: P/S werkt ook bij bedrijven die (nog) geen winst maken, omdat omzet zelden negatief is. Het nadeel: P/S zegt niets over winstgevendheid — een bedrijf met een lage P/S maar krappe marges hoeft niet per se goedkoper te zijn dan een bedrijf met een hoge P/S en uitstekende marges.

AandeelPrice-to-salesNettomarge
Palantir (PLTR)59,243,7%
NVIDIA (NVDA)19,363,0%
Microsoft (MSFT)8,839,3%
Coca-Cola (KO)7,227,8%
Johnson & Johnson (JNJ)6,521,8%
Procter & Gamble (PG)3,919,2%
Amazon (AMZN)3,512,2%

Palantir springt eruit met een P/S van 59,2 — beleggers betalen bijna zestig keer de jaaromzet, een teken dat de markt zeer hoge verwachtingen inprijst voor toekomstige groei en marge-uitbreiding. Ter vergelijking: Amazon noteert tegen slechts 3,5 keer de omzet, ondanks een vergelijkbare nettomarge-orde-van-grootte als sommige andere namen in de tabel, wat past bij een bedrijf met dunnere marges door de fysieke logistiek in het e-commercedeel. Dit soort verschillen laat zien waarom P/S vooral bruikbaar is om bedrijven binnen dezelfde sector te vergelijken — een softwarebedrijf en een detailhandelaar naast elkaar zetten op P/S alleen is minder zinvol, omdat de marges structureel uiteenlopen.

Wat voegen price-to-book en rendement op eigen vermogen toe?

Een vierde, minder besproken maatstaf is price-to-book (P/B): de beurswaarde gedeeld door het eigen vermogen op de balans (de "boekwaarde"). P/B is vooral nuttig bij kapitaalintensieve sectoren zoals banken of industriële bedrijven, waar de balans een goede indicatie geeft van de onderliggende waarde. Bij softwarebedrijven en techplatforms is P/B minder zeggend, omdat hun belangrijkste bezit — merk, technologie, netwerkeffecten — niet of nauwelijks op de balans staat.

Wat P/B wél nuttig maakt, is de combinatie met ROE (return on equity, het rendement dat een bedrijf behaalt op zijn eigen vermogen). Een hoge P/B is minder verontrustend als de ROE ook hoog is — het bedrijf verdient dan veel terug op elke euro eigen vermogen, wat een hogere waardering kan rechtvaardigen. NVIDIA combineert bijvoorbeeld een P/B van 26,9 met een ROE van maar liefst 111,7%; Coca-Cola combineert een P/B van 9,8 met een ROE van 43,6%. ExxonMobil daarentegen combineert een lage P/B van 2,8 met een veel bescheidener ROE van 9,8% — passend bij een kapitaalintensieve sector met dunnere marges. Een hoge P/B zonder een navenant hoge ROE is een signaal om extra kritisch te kijken naar wat u precies betaalt.

Hoe combineert u deze maatstaven in de praktijk?

Een bruikbare volgorde om een aandeel te doorlopen: begin met de K/W als eerste, snelle indruk. Is het bedrijf winstgevend en groeit de winst, kijk dan naar de PEG om te zien of die K/W in verhouding staat tot het groeitempo. Vergelijk vervolgens de price-to-sales met sectorgenoten om te zien hoeveel groeipremie de markt inprijst ten opzichte van vergelijkbare bedrijven. Controleer daarna via P/B en ROE of een hoge waardering wordt onderbouwd door een navenant hoog rendement op het eigen vermogen. En bij bedrijven met aanzienlijke schulden — denk aan energie- of industriële bedrijven — is een blik op de schuldenlast en dus een indicatieve EV/EBITDA-inschatting verstandig voordat u de K/W op waarde schat. Geen van deze stappen vervangt de andere; samen geven ze een vollediger beeld dan één enkel getal.

Eén maatstaf is nooit genoeg

Geen van deze ratio's geeft op zichzelf een compleet beeld. K/W, EV/EBITDA, PEG, price-to-sales en price-to-book beantwoorden elk een net iets andere vraag: wat betaal ik voor de winst, voor de operationele kasstroom los van schuld, voor de groei, voor de omzet, of voor het eigen vermogen? Door ze naast elkaar te leggen — en te combineren met de kwartaalcijfers en analistenverwachtingen die op elke aandeelpagina van KoersRadar staan — krijgt u een vollediger beeld dan met één enkel getal.

De Nederlandse invalshoek: waardering, box 3 en de dollar

Deze waarderingsratio's zijn valutaneutraal: omdat zowel de koers als de winst, omzet of EBITDA in dollars worden uitgedrukt, verandert een schommeling in de EUR/USD-koers niets aan de K/W, PEG of P/S van een Amerikaans aandeel. Uw uiteindelijke rendement in euro's is dat echter niet: koopt u een duur gewaardeerd groeiaandeel en daalt de dollar tegelijk met de koers, dan telt dat dubbel tegen u. Meer over dat effect leest u in ons artikel over beleggen in Amerikaanse aandelen: belasting, valuta en risico's.

Voor de Nederlandse box 3-heffing maakt het bovendien niet uit of u een laag gewaardeerd dividendaandeel of een torenhoog gewaardeerd groeiaandeel aanhoudt: beide tellen tegen hetzelfde forfaitaire rendement op beleggingen mee, ongeacht wat u er werkelijk mee verdiende. Dat betekent dat de waarderingsvraag — betaalt u niet te veel voor de groei die u koopt? — voor een Nederlandse belegger even relevant is als voor een Amerikaanse, terwijl de fiscale behandeling van het uiteindelijke rendement wél verschilt. Hoe die box 3-heffing precies werkt en wat er vanaf 2028 verandert, leest u in ons artikel over box 3 en Amerikaanse aandelen.

Meer over de basisprincipes van fundamentele analyse en beleggen in Amerikaanse aandelen vindt u in ons dossier Beleggen leren.

Wilt u zelf waarderingscijfers naast elkaar leggen voordat u een positie opbouwt? Vergelijk brokers op research-tools, kosten en toegang tot de Amerikaanse markt.

Brokers vergelijken

Liever een seintje bij nieuwe gidsen en analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →

De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.