ASML en Infineon vergeleken: machines voor chips of chips voor stroom?

ASML en Infineon zitten allebei in de halfgeleiderketen en profiteren allebei van de AI-boom, maar ze verdienen aan een ander stuk ervan. ASML bouwt de lithografiemachines waarmee chipfabrikanten hun chips laten maken. Infineon ontwerpt en maakt zelf chips, vooral voor stroomvoorziening, auto's en industrie. Dit artikel zet de laatste kwartaalcijfers naast elkaar en legt uit waar de twee bedrijven in de keten zitten, waar hun groei vandaan moet komen en welke risico's per bedrijf anders liggen.
In het kort
- ASML Q3 2026: omzet €11,7 miljard, nettowinst €5,0 miljard, brutomarge 57,5%; omzetverwachting 2026 €44-45 miljard.
- Infineon Q3 boekjaar 2026 (april-juni): recordomzet €4,17 miljard, segmentresultaat €797 miljoen (marge 19,1%); omzetverwachting boekjaar ca. €16,3 miljard.
- Zelfde thema, andere positie: ASML levert gereedschap aan de fabrikanten van chips, Infineon levert chips voor stroom in AI-datacenters, auto's en fabrieken.
- Verschil in risico: bij ASML draait het om investeringsbudgetten en exportregels, bij Infineon om de auto- en industriecyclus naast de AI-vraag.
Wat doen ASML en Infineon precies?
ASML uit Veldhoven is de enige fabrikant ter wereld van EUV-machines (extreme ultraviolet), het gereedschap waarmee de meest geavanceerde chips worden belicht. Daarnaast maakt het oudere DUV-systemen en levert het onderhoud en upgrades aan de machines die al bij klanten staan (de zogeheten Installed Base). Klanten zijn chipfabrikanten zoals TSMC, Samsung en Intel.
Infineon uit Neubiberg bij München maakt zelf halfgeleiders: vermogenschips die stroom omzetten en regelen, chips voor auto's, sensoren en beveiligingschips. Het bedrijf heeft eigen fabrieken, onder meer in Dresden en Villach. Sinds het vierde kwartaal van boekjaar 2026 rapporteert Infineon in drie segmenten (Automotive, Power Systems en Edge Systems), na de overname van een sensoractiviteit van ams OSRAM.
In de keten zit ASML dus vóór de chipfabrikant: het verkoopt de machine. Infineon is zelf chipfabrikant: het koopt productieapparatuur en verkoopt chips. Dat verschil bepaalt bijna alles: hoe lang orders vooruit lopen, hoe hoog de marges zijn en hoe gevoelig de winst is voor de economie.
Hoe verhouden de kerncijfers zich tot elkaar?
De tabel zet de laatst gerapporteerde kwartalen naast elkaar. ASML sloot zijn derde kalenderkwartaal af en rapporteerde op 14 oktober 2026; Infineon rapporteerde het derde kwartaal van zijn boekjaar (dat loopt tot eind september) op 5 augustus 2026. De perioden lopen dus een kwartaal uiteen en de winstdefinities verschillen; vergelijk de verhoudingen, niet de absolute bedragen.
| Kerncijfer | ASML | Infineon |
|---|---|---|
| Periode | Q3 2026 (jul-sep) | Q3 boekjaar 2026 (apr-jun) |
| Omzet | €11,7 miljard | €4,17 miljard (record) |
| Winstmaat | Nettowinst €5,0 miljard | Segmentresultaat €797 miljoen |
| Marge | Brutomarge 57,5% | Segmentresultaatmarge 19,1% |
| Verwachting volgend kwartaal | Q4: €14,2-15,2 miljard omzet | Q4: ca. €4,7 miljard omzet, marge ca. 23% |
| Verwachting jaar | 2026: €44-45 miljard omzet, brutomarge ca. 56% | Boekjaar 2026: ca. €16,3 miljard omzet |
| Investeringen | Niet apart genoemd in deze vergelijking | Ca. €2,7 miljard in boekjaar 2026 |
Een paar begrippen. De brutomarge is wat overblijft van de omzet na de directe kosten van de producten. Het segmentresultaat is Infineons eigen winstmaat voor de operatie: het bedrijfsresultaat zonder bepaalde eenmalige posten. Die twee maten zijn niet hetzelfde, dus de 57,5% van ASML en de 19,1% van Infineon zeggen nooit dat het ene bedrijf drie keer winstgevender is. Ze zeggen vooral dat ASML een unieke machine verkoopt tegen een prijs die ver boven de kostprijs ligt, terwijl Infineon in een breder gevulde markt met meer concurrenten verkoopt.
Eén kanttekening over ASML: het bedrijf publiceert in 2026 geen netto-orderboekingen meer in cijfers. Als maat voor de orderstroom noemden analisten onder meer de langlopende contractverplichtingen, die in het derde kwartaal stegen van €3,6 miljard naar €9,3 miljard. Dat is een indicatie, geen officiële orderboekingscijfer, en het is dus lastiger dan vroeger om het ordertempo van kwartaal tot kwartaal te volgen.
Waar komt de groei van ASML vandaan?
De vraag naar chips voor AI-toepassingen dwingt chipfabrikanten tot nieuwe fabrieken en geavanceerdere productieprocessen, en daar zijn EUV-machines voor nodig. Topman Christophe Fouquet zei bij de cijfers dat klanten hun vraagverwachtingen verhogen en dat het ordermomentum elk kwartaal dit jaar is toegenomen. Volgens verslaggeving over de analistencall gaf hij aan dat ASML voor 2027 een groei van ongeveer 30% ziet, en meer dan 30% in 2028. Het bedrijf wil de productiecapaciteit voor zijn gangbare EUV-machines in 2027 met 30% uitbreiden tot ongeveer 65 systemen per jaar. Let op: dit zijn uitspraken van het management over verwachtingen, geen zekerheden; ze zijn nauwelijks te toetsen voordat de orders daadwerkelijk worden geleverd.
Een tweede groeilaag is de Installed Base: onderhoud, upgrades en serviceomzet op machines die al staan. Voor het vierde kwartaal verwacht ASML daar zo'n €3,7 miljard uit, een stabielere en minder cyclische omzetstroom dan nieuwe machines. Een derde factor is prijsstelling: ASML gaf aan dat prijsmaatregelen die meer van de waarde voor klanten afromen in 2026 nog niet materieel zijn, in 2027 deels zichtbaar worden en pas daarna volledig doorwerken.
Waar komt de groei van Infineon vandaan?
Infineon heeft zijn groei de afgelopen kwartalen steeds minder uit auto's en steeds meer uit AI-datacenters gehaald. Servers voor AI hebben veel stroom nodig en die stroom moet efficiënt worden omgezet, precies waar Infineons vermogenschips voor dienen. Het segment Power & Sensor Systems haalde in het derde kwartaal een omzet van €1,44 miljard (+34% ten opzichte van een jaar eerder) met een marge van 24,9%. De omzet uit AI-datacenters schat het bedrijf voor het lopende boekjaar op circa €1,5 miljard en voor het volgende op circa €2,5 miljard; dat laatste is een doel van het management.
Infineon heeft daarnaast meerjarige afspraken gesloten of in onderhandeling met grote AI-klanten om productiecapaciteit te reserveren, met een totale omzetwaarde in de hoge enkelcijferige miljarden euro's. Dat geeft meer zicht op de omzet, maar het vraagt ook investeringen: voor boekjaar 2026 staan er circa €2,7 miljard aan investeringen gepland, inclusief de nieuwe fabriek voor slimme vermogenschips in Dresden. Voor de auto-activiteiten verwacht Infineon dat die langzamer groeien dan de groep als geheel, omdat de vraag naar hoogspanningscomponenten voor elektrische auto's matig blijft.
Welke uitdaging ligt per bedrijf anders?
Bij ASML ligt de uitdaging in concentratie en geopolitiek. Een handvol klanten bepaalt het grootste deel van de omzet, en de investeringsbudgetten van die klanten hangen aan de hoop op blijvend hoge AI-uitgaven. China nam in het derde kwartaal 23% van de machineverkopen af, tegenover 42% een jaar eerder; ASML verwacht voor heel 2026 ongeveer 20% van de omzet uit China. Exportregels van de VS, Nederland en China kunnen dat aandeel snel verschuiven. Daar komt bij dat ASML maar één product heeft dat het verschil maakt: een uitgestelde investering van één grote klant is voelbaar in het totaal.
Bij Infineon ligt de uitdaging in spreiding over cycli. De AI-vraag is sterk, maar de auto- en industriemarkt, nog altijd een groot deel van de omzet, is cyclisch en heeft het afgelopen jaar niet meegedaan met het chipoptimisme. Daarnaast concurreert Infineon op vermogenschips met veel meer partijen dan ASML op EUV, wat de prijsmacht begrenst. De marge van 19,1% ligt ver onder het niveau dat het bedrijf voor het vierde kwartaal aangeeft (circa 23%); dat verschil moet worden waargemaakt. Ook de eigen investeringen drukken: Infineon verlaagde zijn verwachting voor de vrije kasstroom mede door de overname van de sensoractiviteit van ams OSRAM, terwijl de gecorrigeerde vrije kasstroom juist omhoog ging.
Zo staan de twee tegenover elkaar. ASML verkoopt het gereedschap voor de chipfabrieken van de komende jaren, met zeer hoge marges maar een kleine klantenkring. Infineon verkoopt chips aan veel meer klanten en sectoren, met lagere marges maar een bredere basis en een nieuwe groeimotor in datacenterstroom. Welke van de twee beter bij iemand past, hangt af van het gewenste risico; dit artikel geeft daar geen oordeel over.
Wat zijn de vooruitzichten voor beide bedrijven?
Voor ASML draait het komende jaar om de vraag of klanten hun aangekondigde fabrieken ook echt bouwen en met welk tempo. De verwachte groei van ongeveer 30% in 2027 is alleen haalbaar als de capaciteitsuitbreiding bij ASML en bij zijn toeleveranciers slaagt; het bedrijf zelf zegt dat het aanbod de vraag tot en met 2028 niet volledig kan bijhouden. Dat is een gunstige uitgangspositie, maar ook een risico: elke vertraging in de toelevering stelt omzet uit. Een stevige euro tegenover de dollar kan de omzet in euro's drukken, zoals we in ons artikel over de euro en Europese exporteurs uitlegden.
Voor Infineon bepalen de cijfers over het vierde kwartaal, die rond 10 november worden verwacht, of de groei naar circa €4,7 miljard en een marge van circa 23% wordt gehaald, en wat het bedrijf voor boekjaar 2027 aankondigt. Daarbij gaat het om drie dingen: hoe snel de AI-omzet doorgroeit, of de automarkt aantrekt en hoe de bouwkosten van de nieuwe fabrieken zich verhouden tot de extra omzet. De AI-capaciteitsreserveringen geven zicht, maar de kosten komen vooraf.
Een gemeenschappelijke factor blijft de AI-investeringscyclus zelf. Beide bedrijven profiteren van dezelfde grote uitgaven van grote techbedrijven aan datacenters; als die uitgaven vertragen, merkt ASML dat later (orders voor machines komen jaren voor de chips) en Infineon eerder (stroomchips volgen de bouw van datacenters op de voet). Wie de twee bedrijven volgt, doet er goed aan de cijfers van beide naast elkaar te lezen. Meer context vindt u in ons stuk over de smalle STOXX 600-rally, waarin beide namen een rol spelen.
Wat betekent dit voor een Nederlandse belegger?
ASML staat genoteerd op Euronext Amsterdam en is onderdeel van de AEX, waar het veruit het grootste gewicht heeft. Infineon is genoteerd op Xetra in Frankfurt en zit in de DAX. Beide zijn via de meeste Nederlandse brokers te handelen, al verschillen de kosten voor Duitse en Nederlandse beurzen. Let bij Infineon op de Duitse bronbelasting op dividend, die in sommige gevallen deels terug te vragen is; die systematiek staat in ons artikel over dividendbelasting per land.
Wilt u de koersen van ASML en Infineon zelf volgen? Vergelijk eerst welke broker toegang biedt tot Euronext Amsterdam en Xetra en wat dat kost.
Brokers vergelijkenLiever een seintje bij nieuwe gidsen en analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →
Onderdeel van onze Europese markt →
De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.