EUR/USD en Europese exporteurs: effect op ASML en LVMH
De euro noteerde half juli 2026 rond 1,14 dollar — na een rally van circa 12% in 2025, de sterkste sinds 2017. Voor de gemiddelde Nederlander die op vakantie naar de Verenigde Staten gaat, is dat goed nieuws: de dollar is er goedkoper geworden. Voor een deel van de bedrijven in de AEX en de bredere STOXX 600 werkt hetzelfde mechanisme juist averechts. Wie omzet in dollars verdient maar in euro's rapporteert, ziet die omzet er bij een sterkere euro kleiner uit zien, ook als er in de onderliggende lokale valuta niets veranderd is. Dat effect raakt niet elk Europees bedrijf even hard — en dat verschil is minstens zo interessant als de wisselkoers zelf.
In het kort
- EUR/USD stond half/eind juli 2026 rond 1,14, na een stijging van circa 12% in 2025 — de sterkste eurorally sinds 2017.
- LVMH rapporteerde over het eerste kwartaal van 2026 een omzetdaling van 6% in euro's, terwijl de organische (valutaneutrale) groei +1% bedroeg — het verschil kwam grotendeels door een valuta-effect van ongeveer 7 procentpunt.
- Niet elk Europees bedrijf voelt een sterke euro even hard: puur binnenlandse dienstverleners ondervinden nauwelijks effect, terwijl bedrijven met veel dollaromzet (zoals veel luxe- en technologiebedrijven) dat wel doen.
- Enkele grondstoffenbedrijven ondervinden juist het omgekeerde mechanisme: olie en gas worden wereldwijd doorgaans in dollars verhandeld, waardoor een sterkere euro voor hen andere gevolgen heeft dan voor exporteurs van fysieke producten.
Wat betekent een sterke euro concreet voor een bedrijf als LVMH?
Een sterke euro betekent voor een Europees bedrijf met veel omzet buiten de eurozone dat diezelfde buitenlandse omzet, omgerekend naar euro's, kleiner uitvalt dan voorheen — ook al is er in de lokale valuta niets veranderd. LVMH illustreerde dit mechanisme scherp in het eerste kwartaal van 2026: de gerapporteerde omzet daalde 6% naar €19,1 miljard, terwijl de organische groei — de groei gecorrigeerd voor valuta-effecten en overnames — juist positief was met +1%. Het gat tussen beide cijfers, ongeveer 7 procentpunt, kwam vrijwel volledig op het conto van de sterkere euro tegenover de dollar, de Japanse yen en de Chinese yuan.
Wat is het verschil tussen "organische groei" en "gerapporteerde omzet"?
Bedrijven met veel internationale omzet rapporteren meestal twee groeicijfers naast elkaar, en het onderscheid is essentieel om valuta-effecten te doorzien. De gerapporteerde omzet is het bedrag zoals het daadwerkelijk in de boeken staat, omgerekend naar euro's tegen de wisselkoers van het betreffende kwartaal. De organische groei (ook wel "constant currency" genoemd) rekent elke buitenlandse omzetstroom terug tegen de wisselkoers van een jaar eerder, zodat alleen het onderliggende volume- en prijseffect overblijft. Het verschil tussen beide cijfers is precies het valuta-effect: bij LVMH in Q1 2026 was dat verschil dus circa 7 procentpunt. Voor beleggers is de organische groei doorgaans de betere maatstaf om te beoordelen of een bedrijf operationeel goed presteert, terwijl de gerapporteerde omzet bepaalt wat er daadwerkelijk in euro's op de resultatenrekening verschijnt — en dus ook wat aandeelhouders in euro's aan winst of dividend terugzien.
LVMH is 's werelds grootste luxeconcern, met merken als Louis Vuitton, Dior, Moët & Chandon en Tiffany & Co. onder één dak. Het bedrijf verkoopt aan welvarende consumenten wereldwijd, met de Verenigde Staten, China en Japan als belangrijkste afzetmarkten buiten Europa. Juist die brede internationale spreiding maakt LVMH gevoelig voor bewegingen in meerdere valuta's tegelijk.
Hoe zit dat bij ASML, dat grotendeels in euro's factureert?
ASML is 's werelds enige producent van EUV-lithografiemachines, de apparaten waarmee de meest geavanceerde computerchips ter wereld worden gemaakt. Vrijwel elke grote chipmaker — van TSMC tot Samsung en Intel — is voor de nieuwste chipgeneraties afhankelijk van ASML's machines. Het bedrijf rapporteerde over het tweede kwartaal van 2026 een omzet van €9,3 miljard en verhoogde de omzetverwachting voor heel 2026 naar €43-45 miljard.
ASML factureert het grootste deel van zijn omzet in euro's, ook wanneer de klant in Taiwan, Zuid-Korea of de Verenigde Staten zit — het bedrijf draagt het directe valutarisico op de meeste individuele verkooptransacties dus zelf niet in dezelfde mate als een bedrijf dat in lokale valuta factureert. Toch is ASML niet immuun voor EUR/USD-bewegingen: de aandelenkoers wordt wereldwijd door beleggers gevolgd en vergeleken met Amerikaanse chipbedrijven, en een deel van de vraag naar chipmachines hangt samen met de investeringscycli van klanten die zelf wél in dollars verdienen. Daarnaast beïnvloedt de wisselkoers hoe niet-Europese beleggers — bijvoorbeeld Amerikaanse fondsen die posities in euro's aanhouden — het aandeel in hun eigen valuta waarderen. Het mechanisme werkt bij ASML dus subtieler en indirecter dan bij LVMH, waar de valuta-omrekening direct in de omzetcijfers zichtbaar wordt.
Welke Europese bedrijven voelen een sterke euro het hardst?
Het effect van een sterkere euro loopt sterk uiteen per bedrijfsmodel. Onderstaande tabel geeft een vereenvoudigd overzicht van waar de gevoeligheid doorgaans het grootst en het kleinst is — gebaseerd op het aandeel omzet dat buiten de eurozone wordt behaald en de valuta waarin facturering plaatsvindt, niet op exacte actuele cijfers per bedrijf.
| Type bedrijf | Voorbeeld | Gevoeligheid voor sterke euro |
|---|---|---|
| Luxe- en consumentenmerken met wereldwijde verkoop | LVMH, L'Oréal | Hoog — omzet in dollars, yen en yuan wordt kleiner in euro's |
| Industriële exporteurs met internationale klanten | Siemens, Airbus | Gemiddeld tot hoog, deels beperkt door dollarfacturering in eigen sector |
| Techbedrijven die vooral in euro's factureren | ASML, SAP | Beperkt direct effect, wel indirect via waardering en klantvraag |
| Energieproducenten (olie/gas, wereldwijd in dollars verhandeld) | Shell, TotalEnergies | Ander mechanisme — dollarinkomsten worden juist minder waard in euro's, maar olieprijs zelf is de grotere factor |
| Binnenlandse dienstverleners en nutsbedrijven | Nationale telecom- en energiedistributeurs | Laag — omzet overwegend in euro's uit de eigen thuismarkt |
Airbus is naast Boeing een van de twee grote wereldwijde bouwers van verkeersvliegtuigen, met productielocaties in onder meer Frankrijk, Duitsland en Spanje. Vliegtuigen worden wereldwijd doorgaans in dollars verkocht, ook door Airbus, terwijl een groot deel van de productiekosten in euro's wordt gemaakt — dat maakt het bedrijf gevoelig voor de wisselkoers op een net andere manier dan LVMH, namelijk vooral via het verschil tussen dollaromzet en eurokosten.
Waarom is niet elke sterke euro hetzelfde verhaal voor beleggers?
Een sterkere euro is voor beleggers niet automatisch alleen maar slecht nieuws voor Europese aandelen. Ten eerste compenseert een deel van de bedrijven het valuta-effect via prijsverhogingen of valuta-afdekking (hedging): grote multinationals sluiten vaak termijncontracten af om een deel van hun verwachte buitenlandse omzet tegen een vooraf vastgestelde koers om te zetten, wat de schommelingen op korte termijn dempt — al kan hedging de klap alleen uitstellen, niet permanent wegnemen als de wisselkoers structureel verandert. Ten tweede is een sterkere euro vaak een symptoom van een bredere ontwikkeling — bijvoorbeeld een aantrekkende Europese economie of een verzwakkende dollar door Amerikaans monetair beleid — die voor binnenlandse en cyclische bedrijven juist gunstig kan uitpakken, ook al drukt het de omzet van exporteurs. Ten derde profiteren juist import-afhankelijke bedrijven: wie grondstoffen of onderdelen in dollars inkoopt maar in euro's verkoopt, ziet zijn kostprijs dalen bij een sterkere euro — het spiegelbeeld van het exportmechanisme.
Wat verwachten analisten van EUR/USD voor de rest van 2026?
Verschillende marktvooruitzichten voor 2026 gaan uit van een geleidelijk verder oplopende euro, met ramingen die richting de 1,20 tot 1,25 tegenover de dollar bewegen tegen het einde van het jaar — gedreven door onder meer een verwachte verdere verzwakking van de dollar door het Amerikaanse begrotingstekort en het monetaire beleid van de Federal Reserve. Dergelijke ramingen zijn geen zekerheid en kunnen door nieuwe ontwikkelingen snel worden bijgesteld, maar het scenario van een structureel sterkere euro dan de niveaus van 2022-2023 lijkt breed gedragen onder valutastrategen. Voor Europese exporteurs betekent dat een aanhoudende, niet-tijdelijke tegenwind bij het omrekenen van buitenlandse omzet, wat verklaart waarom analisten bij kwartaalcijfers van bedrijven als LVMH inmiddels standaard vragen naar het "constant currency"-cijfer naast de gerapporteerde omzet.
Visie en vooruitzichten: wat betekent dit voor de bedrijfsvoering?
Voor bedrijven als LVMH en andere grote Europese exporteurs met brede internationale afzet betekent een structureel sterkere euro dat het onderliggende operationele verhaal — volumegroei, prijszetting, marktaandeel — voor beleggers steeds vaker schuilgaat achter een minder gunstig valutacijfer, wat de druk vergroot om bij kwartaalpresentaties expliciet het onderscheid tussen organische en gerapporteerde groei te benadrukken. Voor de luxesector specifiek komt dat valuta-effect bovenop een toch al kwetsbare vraag vanuit China, wat de marges onder een dubbele druk zet: minder volumegroei én een ongunstiger wisselkoers-effect op de omzet die wél binnenkomt. Voor bedrijven als ASML, die grotendeels in euro's factureren, ligt de kwetsbaarheid eerder bij de vraag van klanten die zelf wel in dollars verdienen — een structureel duurdere euro kan op termijn de investeringsbereidheid van niet-Europese chipklanten beïnvloeden, al is dat effect indirecter en moeilijker te kwantificeren dan de directe omzetvertaling bij LVMH. Voor industriële exporteurs als Airbus, die deels in dollars factureren maar in euro's produceren, is de precieze impact weer afhankelijk van hoe goed het bedrijf zijn kostenbasis en orderboek heeft afgedekt tegen wisselkoersschommelingen op de langere levertijden die in de sector gebruikelijk zijn. De gemeenschappelijke uitdaging voor al deze bedrijven is dat valuta-afdekking het effect kan dempen en uitstellen, maar niet kan wegnemen zolang de onderliggende wisselkoersverschuiving structureel blijkt — en de meeste actuele marktvooruitzichten gaan voorlopig uit van precies dat scenario.
Let op: wisselkoersvoorspellingen zijn met grote onzekerheid omgeven en kunnen door geopolitieke gebeurtenissen, rentebesluiten of macro-economische cijfers snel wijzigen. De hier genoemde niveaus en verwachtingen zijn momentopnames uit medio 2026, geen garantie voor toekomstige koersontwikkeling.
Hoe heeft EUR/USD zich de afgelopen jaren bewogen?
Om de huidige euro-dollarkoers in perspectief te plaatsen: in 2022 en 2023 noteerde de euro nog geregeld dicht bij of zelfs onder pariteit met de dollar (rond 1,00-1,05), gedreven door hoge Amerikaanse rentes en de Europese energiecrisis na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. Vanaf 2025 sloeg dat beeld om: de euro won dat jaar circa 12% terrein ten opzichte van de dollar, de sterkste jaarlijkse stijging sinds 2017, en handelde medio 2026 rond de 1,14. Voor exporteurs die hun kostenbasis en prijsstelling nog hadden ingericht op de zwakkere euro van 2022-2023, betekende die omslag een geleidelijke maar aanhoudende tegenwind op de omzet in euro's — precies het effect dat bij LVMH in de kwartaalcijfers zichtbaar werd.
Wat zou er gebeuren als de euro juist weer zou verzwakken?
Het omgekeerde scenario is voor beleggers minstens zo relevant om te begrijpen: verzwakt de euro tegenover de dollar, dan wordt buitenlandse omzet in euro's juist méér waard bij omrekening, wat de gerapporteerde omzet en winst van exporteurs als LVMH, Airbus en Siemens een duw in de rug geeft — zonder dat er onderliggend iets verandert aan hoeveel producten of diensten ze daadwerkelijk verkopen. Dat verklaart waarom beleggers in internationaal georiënteerde Europese aandelen de EUR/USD-koers doorgaans op de voet volgen als een van de factoren die het verschil kunnen maken tussen een meevallend en een tegenvallend kwartaalbericht, los van de onderliggende bedrijfsprestaties.
Praktisch overzicht: wat kunt u als belegger met deze informatie?
- Kijk bij kwartaalcijfers van internationaal georiënteerde Europese bedrijven altijd naar zowel de gerapporteerde omzet als de organische (constant currency) groei.
- Ga na hoeveel omzet een bedrijf buiten de eurozone behaalt en in welke valuta het factureert — dat bepaalt de directe gevoeligheid voor EUR/USD.
- Bedenk dat valuta-afdekking het effect van wisselkoersbewegingen kan vertragen, maar niet permanent kan neutraliseren.
- Onderscheid grondstoffenbedrijven (die in dollars verhandelde producten verkopen) van exporteurs van fysieke goederen en diensten — het mechanisme werkt niet hetzelfde.
- Volg wisselkoersontwikkelingen als één van meerdere factoren, niet als enige verklaring voor een koersbeweging — bedrijfsspecifiek nieuws en sectorbrede trends wegen vaak zwaarder.
Beleggen in Europese exportaandelen: waar let u op bij uw broker?
Aandelen als LVMH, Airbus en Siemens noteren op hun thuisbeurs in euro's, dus als Nederlandse belegger loopt u bij aankoop zelf geen extra valutarisico bovenop het risico dat het bedrijf al in zijn omzet draagt — u koopt het aandeel gewoon in euro's, net als een Nederlands beursfonds. Wilt u dieper inzicht in de brede STOXX 600 en hoe u zelf Europese exportaandelen kunt vergelijken met een brede indexbelegging, dan behandelt onze Europese markt-sectie dat onderwerp uitgebreider. Vergelijk vooral bij uw broker de transactiekosten per beurs (Euronext Parijs voor LVMH en Airbus, Euronext Amsterdam voor ASML) en of dividend uit deze landen automatisch tegen het juiste verdragstarief wordt verrekend.
Wilt u zelf Europese exportaandelen vergelijken op kosten en beursaanbod? Vergelijk brokers op transactiekosten en toegang tot Euronext Parijs, Amsterdam en Frankfurt.
Brokers vergelijkenLiever een seintje bij nieuwe gidsen en analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →
Onderdeel van onze Europese markt →
De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.