Terug naar Amerikaanse aandelen Macro

Geheugenchips duwen elektronicaprijzen omhoog: wat betekent dat voor de CPI van 14 oktober en Apple?

Analyse door KoersRadar · Gepubliceerd · ~5 min lezen
Geheugenchips duurder: effect op CPI en Apple | KoersRadar

Duurdere geheugenchips werken door in de prijs van telefoons en laptops, net nu de Fed zoekt naar bewijs dat de kerninflatie afkoelt. Een kijk op de kostenketen vóór de CPI van woensdag 14 oktober.

In het kort

Waarom zijn geheugenchips duurder geworden?

Geheugenchips (DRAM en NAND) zijn schaars omdat de AI-datacenters enorme volumes opslurpen, waardoor er minder overblijft voor telefoons en laptops. Volgens TrendForce stegen de contractprijzen voor gewoon DRAM in het tweede kwartaal met circa 60%, en voor het derde kwartaal wordt nog eens 13% tot 18% verwacht (NAND: 10% tot 15%). Samsung zou voor mobiel geheugen tot 20% willen verhogen. De stijging vertraagt dus, maar het prijsniveau is aanzienlijk hoger dan een jaar geleden. Fabrikanten van consumentenelektronica moeten die kosten verwerken: Micron is hier de beneficiënt, Apple en pc-makers dragen de rekening.

DRAM-contractprijs Q2: circa +60%
DRAM Q3 (verwachting): +13% tot +18%
NAND Q3 (verwachting): +10% tot +15%
iPhone 18 Pro: +$100

Wat betekent dit voor de CPI van woensdag 14 oktober?

De markt rekent voor september op een headline-inflatie van circa 3,6% op jaarbasis (augustus: 3,4%) en een kerninflatie van circa 2,5% (augustus: 2,4%), met een maandstijging van 0,2% in de kern. De headline wordt volgens de voorspellingen vooral door energie opgestuwd; de kern is waar de Fed naar kijkt. Hardware weegt in de Amerikaanse CPI maar beperkt mee, dus een duurdere telefoon verandert de uitkomst van woensdag niet. Het signaal zit in de richting: als geheugenkosten via smartphones, laptops en consoles doorwerken, ontstaat een tweede bron van goederenprijsdruk naast energie, op een moment dat de Fed na de verhoging van 16 september naar 3,75%-4,00% zoekt naar bewijs dat de kerninflatie bedaart.

Welke bedrijven voelen de geheugenprijzen het sterkst?

Het onderscheid zit in prijsmacht. Apple kan een deel van de kosten doorgeven, maar een bericht van Nikkei Asia over 15% tot 20% lagere orders van iPhone 18 Pro-onderdelen laat zien dat de klant niet onbeperkt meegaat; de details staan in onze analyse van de Apple-koersdaling. Merken met minder prijsmacht, zoals pc-makers, zien hun marge sneller onder druk komen: TrendForce verwacht dat dure geheugenchips de pc-leveringen de rest van het jaar kunnen drukken.

Visie en vooruitzichten

Twee krachten tegenover elkaar bepalen het vervolg. Aan de aanbodzijde vertraagt de prijsgroei, wat erop wijst dat kopers hun grens bereiken en dat het ergste van de kostenschok voorbij kan zijn. Aan de vraagzijde bepaalt de consument, die al kampt met hogere brandstofprijzen en een 10-jaarsrente rond de hoogste standen sinds 2002, hoeveel prijsverhoging hij nog accepteert. Voor de Fed is de vraag of goederenprijzen als tweede golf de kerninflatie hoog houden. Een zachtere kern woensdag zou het beeld ondersteunen dat de prijsdruk beperkt blijft tot energie en chips; een hogere kern zou het debat over een verhoging op 28 oktober heropenen. Voor de techbedrijven geldt: wie de kosten kan doorgeven zonder volumeverlies, houdt zijn marge, wie dat niet kan, moet kiezen tussen marge en marktaandeel.

Vergelijk de bedrijven aan beide kanten van de geheugenprijsstijging.

Vergelijk MU, AAPL en MSFT

Liever een seintje bij nieuwe analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →

Elke week de markten helder samengevat
Gratis in je inbox. Geen spam, uitschrijven kan altijd.

De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.