Terug naar de Europese markt Analyses

Airbus en Safran vergeleken: twee wegen door de Europese luchtvaart- en defensiesector

Analyse door KoersRadar · Gepubliceerd · ~16 min lezen
Airbus en Safran vergeleken: Europese luchtvaart- en defensieaandelen | KoersRadar

Airbus en Safran zijn allebei Franse zwaargewichten van de Europese lucht- en ruimtevaartindustrie, maar ze verdienen hun geld op een fundamenteel andere manier. Airbus bouwt en verkoopt complete vliegtuigen, met een winst die sterk samenhangt met het tempo van nieuwe leveringen. Safran maakt onder meer de motoren die in een groot deel van diezelfde vliegtuigen hangen, en verdient een steeds groter deel van zijn winst niet aan de verkoop van nieuwe motoren, maar aan het onderhoud ervan gedurende hun hele levensduur. Beide profiteren van dezelfde onderliggende trends — een historisch orderboek in de burgerluchtvaart en oplopende defensie-uitgaven in Europa — maar met een ander winstmodel en een ander risicoprofiel. Dit artikel zet de cijfers, de strategie en de knelpunten van beide bedrijven naast elkaar.

In het kort

Wat doen Airbus en Safran precies?

Airbus is 's werelds grootste vliegtuigbouwer naast het Amerikaanse Boeing, met de A320-familie als absolute omzetmotor en de A350 en A220 als aanvulling in respectievelijk het lange- en het kortere-afstandssegment. Naast de burgerluchtvaarttak (goed voor ruim 70% van de omzet) heeft het bedrijf een aparte Defence and Space-divisie, met onder meer de Eurofighter en militaire transporttoestellen. Airbus noteert op Euronext Parijs, Frankfurt en Madrid en is onderdeel van de CAC 40.

Safran is een van 's werelds grootste motorenbouwers, bekend van de LEAP-motor die via het joint venture CFM International (samen met het Amerikaanse GE Aerospace) de A320neo en de Boeing 737 MAX aandrijft. Daarnaast maakt het bedrijf landingsgestellen, cockpit- en cabine-uitrusting en defensie-elektronica zoals optronica en navigatiesystemen. Het grootste deel van de winst komt inmiddels niet uit de verkoop van nieuwe motoren, maar uit onderhoud, reserveonderdelen en reparaties tijdens de decennialange levensduur van een motorenvloot. Safran noteert eveneens op Euronext Parijs en is onderdeel van de CAC 40.

Waarom staan Europese lucht- en ruimtevaartaandelen dit jaar zo in de belangstelling?

Twee ontwikkelingen versterken elkaar. Ten eerste blijft de vraag naar nieuwe vliegtuigen wereldwijd torenhoog: luchtvaartmaatschappijen vervangen oudere, minder zuinige toestellen versneld en breiden hun vloot uit om aan de reizigersgroei te voldoen, wat zowel Airbus als de motorenmakers een orderboek oplevert dat jaren vooruitkijkt. Ten tweede is er de Europese herbewapening: NAVO-lidstaten verhogen structureel hun defensiebudgetten, wat behalve gespecialiseerde wapenfabrikanten als Rheinmetall ook de defensietakken van Airbus en Safran raakt. Voor beleggers is de aantrekkingskracht dat beide trends grotendeels los van elkaar staan: een terugval in de burgerluchtvaart hoeft niet gepaard te gaan met een terugval in defensie-uitgaven, en omgekeerd. Dat maakt de sector minder eendimensionaal dan hij op het eerste gezicht lijkt.

Hoe verhouden de kerncijfers van Airbus en Safran zich tot elkaar?

Onderstaande tabel zet de belangrijkste kerncijfers uit de jaarverslagen over boekjaar 2025 naast elkaar — de meest recente volledige jaarcijfers op het moment van schrijven.

Kerncijfer (FY2025)AirbusSafran
Omzet€73,4 mrd (+6%)€31,3 mrd
Nettowinst€5,22 mrd (+23,3% WPA, naar €6,61)€3,17 mrd (WPA €7,60)
(Aangepaste) operationele winst€7,13 mrd EBIT€5,20 mrd recurring operating income (16,6% marge)
Vrije kasstroom€4,57 mrd€3,9 mrd
Orderboek8.754 vliegtuigen, €619 mrdrecord book-to-bill 1,6 in defensie-elektronica
Productievolume 2025793 geleverde vliegtuigen1.802 geleverde LEAP-motoren (+28%)
Marktkapitalisatie (2026)≈€165 mrd
WinstmodelVliegtuigverkoop + Defence and SpaceMotorverkoop + aftermarket-onderhoud (+21% omzet)

Wat is het verschil tussen het winstmodel van Airbus en dat van Safran?

Airbus verdient het grootste deel van zijn omzet aan de verkoop van nieuwe toestellen: elke levering aan een luchtvaartmaatschappij wordt direct als omzet geboekt, wat de resultaten sterk laat meebewegen met het productietempo — vandaar dat de leveringscijfers (793 in 2025) zo nauwlettend gevolgd worden. Safran werkt met een ander model, vaak "razor and blades" genoemd: nieuwe LEAP-motoren worden doorgaans met weinig tot geen marge verkocht, om luchtvaartmaatschappijen aan het merk te binden, waarna Safran decennialang verdient aan onderhoud, reserveonderdelen en reparaties via zogeheten "rate per flight hour"-contracten. Dat verklaart waarom Safrans aftermarket-omzet in 2025 met 21% groeide — sneller dan de omzet uit nieuwe motoren — en waarom de winstmarge van Safran (16,6% operationeel) structureel hoger ligt dan die van Airbus. Voor beleggers betekent dit dat Safrans winst voorspelbaarder is zodra de geïnstalleerde motorvloot eenmaal groot genoeg is, terwijl Airbus' winst directer afhangt van het productie- en leveringstempo van dit kwartaal.

Waar zit de bottleneck voor beide bedrijven?

Zowel Airbus als Safran melden al enkele jaren hetzelfde probleem: de toeleveringsketen houdt de vraag niet bij. Titanium, gietstukken, elektronische componenten en gespecialiseerd personeel zijn structureel schaars sinds de coronapandemie de sector dwong capaciteit af te bouwen, die sindsdien niet snel genoeg is teruggekeerd. Voor Airbus vertaalt zich dat in een productietempo voor de A320-familie dat nog altijd achterblijft bij het eigen ambitieniveau, ondanks een orderboek dat al jaren vooruitkijkt. Voor Safran raakt hetzelfde probleem de LEAP-productie, al liet het bedrijf in 2025 met een sprong van 28% in de motorleveringen zien dat de knelpunten geleidelijk verminderen. Voor beide bedrijven geldt: het orderboek is niet het probleem, het tempo waarop het wordt afgewerkt wel — een gunstig gegeven voor de voorspelbaarheid van toekomstige omzet, maar een rem op hoe snel die omzet ook daadwerkelijk wordt geboekt.

Visie en vooruitzichten. Voor Airbus hangt het komende jaar vooral af van of het bedrijf zijn eigen productiedoelen voor de A320-familie kan waarmaken zonder nieuwe verstoringen in de toeleveringsketen — elke vertraging daar raakt direct de omzet, terwijl de Defence and Space-divisie een groeiende, minder cyclische tegenhanger vormt naarmate Europese defensiebudgetten verder oplopen. Voor Safran ligt de belangrijkste uitdaging in het opschalen van de LEAP-productie richting de doelstellingen voor 2028, terwijl het bedrijf tegelijk moet blijven investeren in de opvolger van de LEAP-motor om op langere termijn relevant te blijven voor Airbus en Boeing. Beide bedrijven delen een macro-afhankelijkheid die weinig met rente of inflatie te maken heeft: de gezondheid van de wereldwijde luchtvaartsector zelf, inclusief brandstofprijzen en reizigersaantallen, en de politieke bereidheid van Europese regeringen om defensiebudgetten daadwerkelijk te blijven verhogen in plaats van alleen aan te kondigen.

Wat verwachten analisten voor Airbus en Safran?

Voor Airbus wijst de analistenconsensus overwegend richting een positief advies, gedragen door het record-orderboek en de verwachting dat het productietempo de komende jaren geleidelijk verder opschaalt richting de eigen doelstellingen — het belangrijkste risico dat analisten noemen, blijft een hernieuwde verstoring in de toeleveringsketen. Voor Safran overheerst eveneens een overwegend positief sentiment: de combinatie van een record aan LEAP-leveringen, een snelgroeiende en marge-rijke aftermarket-omzet en een sterke positie in defensie-elektronica wordt door analisten gezien als een structureel gunstig winstprofiel, al wijzen sommigen op de aanzienlijke ontwikkelkosten van een toekomstige motorgeneratie als aandachtspunt voor de vrije kasstroom op langere termijn.

Hoe groot is de defensiepoot bij Airbus en Safran precies?

Bij Airbus is Defence and Space nog altijd de kleinste van de drie divisies naast Commercial Aircraft en Helicopters, maar wel de snelst groeiende: het onderdeel maakt onder meer de Eurofighter-straaljager, militaire transporttoestellen als de A400M en satellietsystemen, en profiteert direct van hogere Europese defensiebudgetten zonder dat daar extra fabrieken voor nodig zijn — de divisie deelt personeel, inkoop en een deel van de productiefaciliteiten met de burgerluchtvaarttak. Bij Safran loopt de defensieblootstelling meer verspreid door het bedrijf: naast een aparte defensie-elektronicatak (optronica, navigatie- en observatiesystemen, met een book-to-bill van 1,6 — wat betekent dat er in 2025 voor elke euro omzet €1,60 aan nieuwe orders binnenkwam) leveren ook de landingsgestellen en cockpitonderdelen van Safran mee aan militaire toestellen. Voor beide bedrijven geldt dat defensie een kleinere, maar sneller groeiende en behoorlijk voorspelbare aanvulling vormt op een burgerluchtvaarttak die weliswaar groter is, maar ook gevoeliger voor de wereldwijde vraag naar vliegtuigen.

Hoe verhouden de waardering en het dividend van Airbus en Safran zich tot elkaar?

Met een marktkapitalisatie van ongeveer €165 miljard eind 2025 — een stijging van bijna 25% ten opzichte van een jaar eerder — noteert Airbus tegen een koers-winstverhouding (K/W, de beurskoers gedeeld door de winst per aandeel: hoe hoger het getal, hoe meer beleggers bereid zijn te betalen voor elke euro winst) die de sterke orderpositie en de verwachte winstgroei weerspiegelt. Safran is met een operationele marge van 16,6% doorgaans hoger gewaardeerd dan Airbus, wat aansluit bij het voorspelbaardere winstmodel via aftermarket-onderhoud: beleggers betalen doorgaans een premie voor winst die minder afhangt van het leveringstempo van dit kwartaal. Beide bedrijven keren dividend uit dat meebeweegt met de sterke winstgroei van de afgelopen jaren, al ligt de nadruk bij allebei duidelijker op herinvesteren in productiecapaciteit en onderzoek dan op een hoog dividendrendement — voor inkomensbeleggers zijn dit dus eerder groei- dan dividendaandelen.

Voor Nederlandse beleggers zijn beide aandelen verhandelbaar via de meeste brokers met toegang tot de Franse beurs (Euronext Parijs); Airbus is bovendien ook op Euronext Amsterdam genoteerd. Controleer bij uw broker welke beurstoegang en welke kosten voor Franse aandelen gelden.

Wilt u zelf de koers en kwartaalcijfers van Airbus en Safran volgen? Vergelijk eerst welke broker toegang biedt tot de Franse beurs.

Brokers vergelijken

Liever een seintje bij nieuwe gidsen en analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →

Elke week de markten helder samengevat
Gratis in je inbox. Geen spam, uitschrijven kan altijd.

De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.