Kern-PCE koelt af naar 3,0%: Fed-hikekans oktober zakt naar 35%, maar 30-jaarsrente blijft op 5,64%

De Amerikaanse kerninflatie koelde in augustus af: de kern-PCE-index steeg 0,2% op maandbasis, tegen een verwachte 0,3%, en kwam op jaarbasis uit op 3,0% na 3,3% een maand eerder. Beleggers verlaagden daarop de kans op een renteverhoging van de Fed in oktober van ongeveer 51% naar zo'n 35%. Toch eindigden de Dow en de S&P 500 de dag lager en bleven de lange rentes hoog: de 10-jaarsrente sloot rond 5,30% en de 30-jaarsrente op 5,64%, het hoogste niveau sinds 2002. Vrijdag volgt het banenrapport, het tweede datapunt waarvan de oktoberbeslissing van de Fed volgens marktcommentatoren afhangt.
- Kern-PCE steeg in augustus 0,2% (verwacht: 0,3%) en 3,0% op jaarbasis, tegen 3,3% in juli.
- De kans op een Fed-renteverhoging in oktober zakte volgens CME FedWatch van circa 51% naar circa 35%.
- De 10-jaarsrente sloot rond 5,30% (+4 basispunten), de 30-jaarsrente op 5,64%; beide op of nabij meerjarige hoogtepunten.
- S&P 500 -0,3%, Dow -0,9%, Nasdaq +0,2%; vrijdag volgt het banenrapport over september (verwachting: circa 100.000 banen, werkloosheid 4,2%).
Wat zegt de zachtere kern-PCE over de Fed?
De kern-PCE-index is de inflatiemaatstaf waar de Fed het meest naar kijkt, omdat die voedsel en energie buiten beschouwing laat en bredere uitgaven meet dan de consumentenprijsindex. Een maandstijging van 0,2% in plaats van 0,3% lijkt klein, maar het verlaagt de jaarcijfers van 3,3% naar 3,0%, nog altijd ver boven het doel van 2%. De Fed zit dus niet in de situatie dat de inflatie is verslagen; er is alleen minder reden voor haast. De kansverschuiving van 51% naar 35% laat zien hoe gevoelig de markt is voor één dataset, en hoe onzeker het beleid blijft zolang de Fed zich niet vastlegt.
Waarom blijft de 30-jaarsrente ondanks de meevallende inflatie op 5,64%?
Dat is de kern van de dag. Als de rente alleen door de verwachte Fed-beleidsrente werd bepaald, hadden de lange rentes bij een lagere hikekans moeten dalen. In plaats daarvan stegen ze: de 10-jaarsrente met ongeveer 4 basispunten naar 5,298%, de 30-jaarsrente met bijna 5 basispunten naar 5,642%. Dat wijst op termijnpremie: beleggers eisen meer vergoeding voor het houden van lange Amerikaanse staatsobligaties vanwege staatsschuld, begrotingstekort en de grote hoeveelheid uitgifte. De hogere lange rente werkt door in hypotheken, die gemiddeld boven 7% liggen, het hoogste niveau sinds januari 2025.
Welke aandelen voelen de rente?
Rentegevoelige aandelen worden twee kanten op getrokken. Banken als JPMorgan (Q2 2026: nettowinst $21,2 miljard, WPA $7,70, +41,2% j-o-j) kunnen profiteren van een steile rentecurve en een stevige economie, maar hebben last van waardedaling op obligatieposities en van kredietrisico als de arbeidsmarkt verslechtert. Groeiaandelen met hoge verwachte winsten ver in de toekomst, zoals chipmaker Micron (fiscaal Q2 2026: omzet $41,5 miljard, +345,7% j-o-j), worden gewaardeerd tegen contante-waarde-berekeningen die gevoelig zijn voor de lange rente. Dat Micron na de beurs cijfers over het vierde fiscale kwartaal meldde met hogere kapitaalbestedingen voor 2027 illustreert hoe ook bedrijven met sterke groei in een tijdperk van 5%+ rente hun investeringen moeten verantwoorden.
Wat verwachten analisten van het banenrapport en de Fed?
Economen rekenen voor vrijdag op ongeveer 100.000 nieuwe banen en een werkloosheid die oploopt naar 4,2%. Een zwakkere uitkomst zou de hikekans verder drukken, een uitkomst boven de verwachting de kans weer doen oplopen. Dat is geen vanzelfsprekende reactie op de lange rente: een hete arbeidsmarkt kan het beleidsrentepad omhoog duwen, terwijl een zwakke arbeidsmarkt de terugvalrisico's vergroot.
Visie en vooruitzichten
De dagelijkse koersbewegingen verhullen een structurele spanning: de inflatie is geen acuut probleem meer, maar het financieringsprobleem van de Amerikaanse overheid is dat wél geworden. Een 30-jaarsrente op 5,64% betekent dat zelfs een voorzichtigere Fed de financieringskosten voor bedrijven, huishoudens en de overheid niet snel laat dalen. Wat dat voor aandelen betekent hangt af van drie factoren: de arbeidsmarkt (vrijdag), het vervolg van de kerninflatie (de PCE van september volgt eind oktober) en de vraag of de veilingen van langlopend staatspapier soepel blijven verlopen. Zolang de termijnpremie blijft stijgen, blijft de waardering van langetermijngroei onder druk staan, ook als de kortetermijndata meevallen.
Vergelijk rentegevoelige aandelen live op KoersRadar.
Vergelijk JPM, MU en NVDALiever een seintje bij nieuwe analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →
Onderdeel van ons dossier Rente & macro →
De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.