Eurozone-inflatie versnelt naar 2,9% in juli, energieschok zet ECB onder druk

De eurozone-inflatie is in juli onverwacht versneld. Eurostat meldde vrijdag 31 juli een voorlopige jaarinflatie van 2,9%, tegen 2,8% in juni — een omkering van de afkoelende trend van de afgelopen maanden. De oorzaak is vooral energie: die prijzen liggen nu 10,0% hoger dan een jaar eerder, tegen 8,5% in juni, na de hernieuwde spanningen in het Midden-Oosten. Ook de kerninflatie, exclusief voedsel en energie, liep op naar 2,5%, van 2,4%. Voor de ECB, die eerder deze week al met een meevallende groeicijfer te maken kreeg, is dit een tweede argument om op 10 september de rente te verhogen.
In het kort
- Eurozone-inflatie steeg in juli naar 2,9% j-o-j (flash-raming Eurostat), van 2,8% in juni — de eerste versnelling na maanden van afkoeling.
- Energieprijzen stegen 10,0% j-o-j, tegen 8,5% in juni, door hernieuwde spanningen in het Midden-Oosten die de olieprijs tijdelijk opdreven.
- Kerninflatie (exclusief voedsel en energie) liep op naar 2,5%, van 2,4% in juni; dienstforminflatie steeg naar 3,3%, van 3,2%.
- De markt prijst inmiddels circa 85% kans op een ECB-renteverhoging naar 2,50% op de vergadering van 10 september, boven op de al gestegen verwachtingen na de meevallende Q2-bbp-groei.
Waarom versnelt de inflatie juist nu weer?
De directe aanleiding is energie. Nadat de olieprijs eind juli al fors was gedaald door een tijdelijke wapenstilstand tussen de Verenigde Staten en Iran, zorgde een hernieuwde opleving van het conflict in de regio voor extra onzekerheid over de olie- en gasaanvoer. Dat werkt met vertraging door in de energiecomponent van de inflatiecijfers, die in juli 10,0% hoger uitkwam dan een jaar eerder. Belangrijker voor de ECB is dat ook de kerninflatie — het cijfer waar de centrale bank het meeste gewicht aan geeft, omdat het minder gevoelig is voor tijdelijke energieschokken — opliep naar 2,5%. Dat wijst erop dat niet alleen energie, maar ook de onderliggende prijsdruk in diensten (3,3%, van 3,2%) hardnekkiger is dan de ECB had gehoopt.
De ECB stelt het monetair beleid voor de eurozone vast en streeft naar een inflatiedoelstelling van 2% op middellange termijn.
Wat betekent dit voor het ECB-rentebesluit van september?
Het maakt een renteverhoging op 10 september waarschijnlijker, bovenop het effect van de meevallende Q2-bbp-groei van 0,4% die deze week al bekend werd. De markt prijst inmiddels circa 85% kans op een stap naar 2,50%. Voor de ECB is dat een ongemakkelijke combinatie: een economie die harder groeit dan verwacht én een inflatie die, in plaats van verder af te koelen richting de 2%-doelstelling, weer oploopt. Analisten van vermogensbeheerder DWS wezen er deze week op dat de ECB weinig ruimte meer heeft om de oplopende inflatieramingen — economen verwachten voor heel 2026 inmiddels gemiddeld rond de 3% — te negeren zonder aan geloofwaardigheid in te boeten.
Voor beleggers is vooral relevant welke sectoren gevoelig zijn voor zowel hogere rente als hogere energiekosten. Vastgoedfondsen met veel schuld, zoals het Duitse Vonovia, en winkelvastgoedfonds Unibail-Rodamco-Westfield, lenen doorgaans tegen variabele of periodiek te herfinancieren voorwaarden — een hogere ECB-rente maakt herfinanciering duurder en drukt daarmee direct op de winstgevendheid. Energie-intensieve industrie, zoals Duitse chemieconcerns, ondervindt juist een dubbel effect: hogere gasprijzen raken de marges, terwijl een hogere rente investeringen in efficiëntere productie duurder maakt.
Visie en vooruitzichten: de combinatie van een sterkere economie en een hardnekkigere inflatie plaatst de ECB voor een lastige afweging. Blijft de centrale bank te lang aan de zijlijn, dan riskeert ze dat de inflatieverwachtingen van bedrijven en consumenten loskomen van de 2%-doelstelling — met het risico dat prijsstijgingen zich vastzetten in lonen en contracten. Verhoogt ze juist te snel en te fors, dan drukt dat op de toch al broze groei in landen als Frankrijk, dat ook begrotingstechnisch onder druk staat. Doorslaggevend voor de komende weken zijn drie factoren: of het conflict in het Midden-Oosten verder escaleert of juist opnieuw de-escaleert, wat direct doorwerkt in de energiecomponent van de volgende inflatiecijfers; hoe hardnekkig de dienstforminflatie blijkt te zijn, aangezien die minder gevoelig is voor een enkele olieprijsschok; en de toon van ECB-president Lagarde in de aanloop naar 10 september, die de markt nu al een aanzienlijke kans op een renteverhoging laat inprijzen.
Voor Nederlandse beleggers met Europese aandelen werkt een hogere ECB-rente met vertraging door: rentegevoelige sectoren zoals vastgoed reageren doorgaans het snelst, terwijl banken er juist garen bij kunnen spinnen via hogere rentemarges.
Volg de ECB-renteverwachtingen en Europese aandelen op de Europese markt van KoersRadar.
Naar de Europese marktLiever een seintje bij nieuwe analyses? Schrijf u in voor de nieuwsbrief →
Onderdeel van onze Europese markt →
De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie. De genoemde koersen en cijfers kunnen inmiddels zijn gewijzigd. Dit is geen beleggingsadvies.